Het fundament van innovatie: Sociale innovatie

Bij het opstellen van het jaarlijkse Global Competitiveness Report gebruikt het World Economics Forum de balans tussen efficiëntie en  innovatie als belangrijkste criterium om landen te scoren op de lijst van meest concurrerende landen. Efficiëntie is immers noodzakelijk om op dit moment concurrerend te zijn met andere aanbieders, terwijl innovatie de creativiteit en flexibiliteit geeft die nodig is om in de toekomst te kunnen bestaan. Efficiëntie wordt bereikt in voorspelbare omgevingen waar automatisering en mechanisering een dominante rol kunnen spelen en uitvoering belangrijker is dan creativiteit. De spanningsboog met innovatie wordt bij zo’n omschrijving van efficiëntie al snel duidelijk: innovatie is nieuw voor iedereen en daarom onvoorspelbaar; een creatief proces waarbij productiviteit onderschikt is aan de kwaliteit. Het vraagt dus ook een andere manier van managen, leren en samenwerken.

Bij innovatie wordt vaak gedacht aan de technologische aspecten van innovatie zoals het aantal gerealiseerde patenten, R&D-uitgaven of het aantal kenniswerkers op R&D-afdelingen. Een toenemend aantal managementwetenschappers benadrukt daarentegen het belang om meer aandacht te besteden aan de niet-technologische determinanten van innovatie, ook wel bekend als sociale innovatie. Sociale innovatie is het ontwikkelen van nieuwe managementvaardigheden (dynamisch managen), het hanteren van flexibele organisatieprincipes en het realiseren van hoogwaardige arbeidsvormen (slimmer werken) om het concurrentievermogen en de productiviteit te verhogen.

En daarom bevat elk innovatieperspectief van het innovatie framework enkele building blocks die komen uit het fundament Sociale Innovatie.

Dit is een subparagraaf uit het boek ‘Strategisch Managen van Innovatie’.

Klik hier voor het innovatiefundament ‘ICT gedreven innovatie

Klik hier voor het innovatiefundament ‘Organisatieverandering

Klik hier voor het innovatiefundament ‘Business Models